Een trap buiten lijkt een kleine klus: een paar treden, wat lijm, klaar. In de praktijk bepaalt de maatvoering of hij prettig loopt of jarenlang irriteert. En anders dan bij een terras ziet u een fout hier bij elke stap.
Kort antwoord
Houd een optrede van 15 tot 18 cm en een aantrede van minstens 30 cm aan, controleer met de trapformule van 2 maal de optrede plus de aantrede tussen 57 en 63 cm, geef elke trede 1 procent afschot naar voren en zet de onderste trede vorstvrij aan.
De drie maten die alles bepalen
De optrede is het hoogteverschil per trede en ligt tussen 15 en 18 cm. De aantrede is het vlak waar u op stapt en is minstens 30 cm diep. Het overstek is de neus die 2 tot 3 cm uitsteekt en de trede zijn vorm geeft.
Die drie hangen samen in een oude vuistregel: 2 maal de optrede plus de aantrede moet tussen 57 en 63 cm uitkomen. Bij een optrede van 17 cm hoort dus ongeveer 30 cm aantrede. Klopt die som niet, dan voelt de trap te steil of juist slepend.
- Meet het totale hoogteverschil en deel dat in gelijke treden.
- Verdeel een restmaat over alle treden, nooit over een.
- Zet alle treden eerst droog uit, zonder lijm.
De opbouw onder de steen
De natuursteen is een afwerking, geen constructie. Daaronder hoort een betonnen trapkern die het gewicht draagt. Die lijmt u volvlaks af met een flexibele, vorstbestendige lijm van de klasse C2TE S1.
Volvlaks is hier geen detail maar de kern van de zaak. Elke holte onder een trede is een plek waar water in blijft staan, in de winter bevriest en de steen eraf drukt. Juist bij traptreden zien wij dat het vaakst terugkomen.
Water en vorst
Geef elke trede ongeveer 1 procent afschot naar voren, zodat regen eraf loopt in plaats van op het vlak te blijven staan. Dat is nauwelijks zichtbaar maar scheelt in de winter een gladde laag ijs.
De onderste trede zet u dieper aan dan de rest, onder de vorstgrens. Komt die laag te ondiep te liggen, dan drukt bevroren grond de trap omhoog en scheurt hij los van het terras.
Praktische aanpak
- Meet het hoogteverschil en reken de verdeling met de trapformule uit.
- Zet alle treden droog uit en controleer de verdeling boven en onder.
- Lijm volvlaks met vorstbestendige lijm, trede voor trede, van onder naar boven.
- Controleer per trede het afschot en voeg pas na volledige uitharding.
Keuze samengevat
Bij een trap zit het werk in de maatvoering: gelijke treden, de trapformule, een volvlakse lijmlaag en een vorstvrije aanzet onderaan.
Laat de definitieve opbouw en productkeuze altijd toetsen aan de ondergrond, gebruikssituatie en actuele technische productbladen.